Geest-drift

300…

 

Mattheüs. 6 vers 34: “Wees dan niet bezorgd over de dag van morgen…”
Zie je dat? Nummer 300! Daarvoor had ik al 350 columns in de Nieuwsbrief van de kerk. De eerste Geest-drift stond in 2005 in de ‘Voicemail’ van gospelkoor His Voice. Dank aan God!
Elke week een Geest-drift: soms kom ik weken tekort, dan moet ik ze opsparen en popel ik om mijn vers gelegde ei te openbaren. Ik raak eigenlijk nooit in paniek: oei, de deadline, de vrijdagavond nadert en ik héb nog niks! Het is nog nooit gebeurd: “Sorry, deze week geen Geest-drift, want ik weet niks…” Het kán natuurlijk wél: ééns vindt God het genoeg…
Hieronder volgt, vanwege bijkomende nostalgische gedachten, blog nummer 3 van maart 2020 en die ging ongeveer zo:
“Ooit stonden we een paar dagen met ons campertje aan de riviermonding van de rivier de Vilaine, zeg maar Zuid Bretagne. Als je iets verder rijdt dan de doorsneetoerist, ontdekte je toen nog dat er rustige plekjes waren waar je gezellig een praatje maakte met bewoners. Bij hoog water is daar een zeearm van pakweg een halve kilometer breed. Wij stonden dan met ons campertje nog geen meter van het water, prachtig! Omstreeks laagwater blijft er in het midden een geultje over en de rest is wat Zeeuwen ‘slik’ noemen. De vogels in Alblasserdam gebruiken de zon als referentie voor hun dagindeling. Daar bepaalt het tij hun levensritme.
’s Middags bij hoogwater zaten alle meeuwen op steigers, paaltjes, relingen, enzovoort te snurken. Om elf uur ’s avonds was het gekrijs niet van de lucht, want toen ging men in het donker op de schorren en slikken eten: wormen, schaaldieren, krabben, noem maar op.
Het tij komt elke dag ongeveer vijftig minuten later. De vogels daar draaien die cyclus mee.
Zo werd ik als vanzelf naar mijn favoriete Bijbeltekst uit Mattheüs 6 geleid: “Kijk naar de vogels in de lucht: zij zaaien niet en maaien niet, en verzamelen niet in schuren; uw hemelse Vader voedt ze evenwel; gaat u ze niet ver te boven?” Wij zagen het voor onze ogen gebeuren: op een presenteerblaadje, tweemaal daags een overvloedige maaltijd, zoiets als tafeltje-dek-je. Zo zorgt God voor Zíjn schepping!
“Gaat u de vogels niet ver te boven? Hoeveel te meer zal Hij voor u zorgen!” En toch trap ik er steeds weer in: altijd maar tobben: hoe dit en hoe dat?
Ik schreef deze column in coronatijd. Ik zag toen beelden op de televisie die maar een paar seconden duurden: een dementerende man zat in zijn rolstoel achter een groot raam in de hal van een verpleegtehuis. Hij keek somber en uitgeblust, tot hij zijn vrouw buiten ontwaarde. Zij legde haar vlakke hand op de ruit en hij de zijne aan de binnenkant ‘tegen’ de hare: een gelukzalig gezicht! Zo schrijnend, maar ook ontroerend mooi! Ik bad: “Goede God, mogen zij elkaar toch weer in de armen kunnen sluiten!”
Jezus houdt Zíjn hand tegen het raam. Zijn doorboorde hand. Hij vraagt of jij ook…
Nee, ben jij mal! Jezus is niet bang voor corona, zelfs niet voor de dood!
Hoewel, als je leest van Jezus in Gethsémané…  dat deed Hij ook voor jou!
Daarom strekt Hij Zijn hand naar jóu uit!
Geest-drift 300: met dank aan de Heilige Geest(-drift)
Met dank aan onze dochter Annemarie voor de internet-techniek.
Maar toch, soms…
Lees nou nog eens wat er staat!
“Daarom zeg Ik u: wees niet bezorgd”
En dat geloof ik!
Geloof ik…