Openbaring 21 vers 1-5: “En ik zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, want de eerste hemel en de eerste aarde waren voorbijgegaan. En de zee was er niet meer.
En ik, Johannes, zag de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem, neerdalen van God uit de hemel, gereedgemaakt als een bruid die voor haar man sierlijk gemaakt is.
En ik hoorde een luide stem uit de hemel zeggen: Zie, de tent van God is bij de mensen en Hij zal bij hen wonen, en zij zullen Zijn volk zijn, en God Zelf zal bij hen zijn en hun God zijn.
En God zal alle tranen van hun ogen afwissen, en de dood zal er niet meer zijn; ook geen rouw, jammerklacht of moeite zal er meer zijn. Want de eerste dingen zijn voorbijgegaan.
En Hij Die op de troon zit, zei: Zie, Ik maak alle dingen nieuw. En Hij zei tegen mij: Schrijf, want deze woorden zijn waarachtig en betrouwbaar.”
Eens…
Geliefde van weleer:
ik kan maar niet vergeten,
ik mis je, moet je weten
en dat doet toch zo ’n zeer.
Geliefde van weleer:
bij wat ik mag beleven
denk ik: was jij maar even…
maar jij bent er niet meer.
Geliefde van weleer:
het is zo lang geleden,
zegt men, maar jij blijft heden,
die pijn neemt nooit een keer.
Geliefde van weleer:
eens gaan de graven open,
de doden zullen lopen:
zien wij elkander weer!
Mijn Vader en mijn Heer,
wilt U de pijn verzachten,
help mij toch met het wachten…
Want eens komt Jezus weer!
Openbaring 22 vers 20: “Hij Die van deze dingen getuigt, zegt: Ja, Ik kom spoedig. Amen. Ja, kom, Heere Jezus!”