Geest-drift

Geroepen…

Lukas 10 vers 41 en 42: “Jezus antwoordde en zei tegen haar: Martha, Martha, u bent bezorgd en maakt u druk over veel dingen. Slechts één ding is nodig. Maria heeft het goede deel uitgekozen, dat niet van haar zal worden afgenomen.”
In de vakantie had ik een flinke voorraad voor Geest-drift geschreven. Ik kon een poosje op mijn lauweren rusten! De bodem van mijn voorraad kwam echter in zicht… en er kwam maar niets… Oei, was de Geest-drift op? Er dreigde paniek, maar nee, ik mocht het voor de zoveelste keer ervaren: het komt als manna: elke dag genoeg en voor morgen geen zorgen: dan moeten we op God vertrouwen!

Honderden predikanten hebben een petitie ondertekend waarin ze zich uitspreken tegen de opkomst van extreem rechts, want: “Alle mensen zijn gelijkwaardig”.
We hoorden vanochtend een pittige preek die ging over Paulus, die hardhandig tot de orde geroepen werd: “Saul, Saul, waarom vervolgt u Mij?” In de preek werd het nieuwe kabinet genoemd: komt de ‘C’ daar nog in voor? In de preek werd presidentskandidaat Trump genoemd: sleept hij de naam van God wel op een eerlijke manier in zijn campagne? En wat dacht je van ‘Gott mit uns’ op de koppelriemen van Duitse soldaten? Of ‘Allahoe akbar’ roepen terwijl je iemand neersteekt, of een dozijn of wat medemensen opblaast? Maar deze kreten zijn nog min of meer ‘ver van mijn bed’, hoewel… het komt wel steeds dichterbij!
De Bijbellezing ging over Paulus in Handelingen 26, toen hij als gevangene van Agrippa, op zijn eigen rechtszitting, geboeid en wel, de naam van Jezus mocht, durfde én wilde verkondigen voor de politiek en andere aanwezigen. Dat was wél léf hebben van Paulus! Die gedrevenheid en durf vinden zijn oorsprong tóch wel in zijn hardhandige bekering!
Hoe zit dat bij ons? In de preek werden wíj genoemd: komen wij nog op voor onze God en de normen en waarden die de Bijbel ons leren? Dúrven we dat sowieso wel? Op ons werk? Op straat? Op school? Of denken we: wat kan ik eraan doen, en die politiek, och…
Laten we tonen dat we christenen zijn en Gods normen en waarden verdedigen. Erom bidden of de Bijbel mee mag spreken in het kabinet, of op z’n minst in de Tweede Kamer.

Ik koos niet voor Paulus, maar voor een andere doordringende kreet: “Martha, Martha…”. Dat klinkt misschien iets dichterbij dan een geloofsheld als Paulus. “Martha, Martha!” Daar kun je je eigen naam invullen.
Ik zou belijdenis doen, maar ik vond de belijdeniscatechisatie bij die dominee niet zo fijn. dus ik had hem al gezegd dat ik het niet ging doen. Toen begon het toch te wringen en toen ’t puntje bij ’t paaltje kwam, werd ik gedreven en móest ik het doen!
Die geloofsbelijdenis was géén belijdenis van mijn geloof, dat durfde ik niet. Ik deed belijdenis van mijn geloof… in Gód, maar dat ontdekte ik pas veel later! En dat moeten we blíjven doen! Voor onze kinderen, voor ongelovigen, voor deze wereld met acht miljard medemensen die elkaar het leven zo zuur maken! Voor ons kabinet en onze Tweede Kamer!

Het thema van de middagdienst was 'We worden geroepen om Gods Naam hoog te houden.' Moet ik daar nog iets aan toevoegen? Ja, nog één opmerking: dat was wél léf hebben van mij, over dat manna.

Nu maar hopen en bidden dat ik niet te veel lef had, dat het manna mag komen…

Manna: elke dag, belijdenis, getuigenis…
Broodnodig!