Dies zijn wij verblijd…
Psalm 126 vers 3 in de Statenvertaling: "De HEERE heeft grote dingen bij ons gedaan; dies zijn wij verblijd."
Vorige week kwam dit zomaar in me op: “Dies zijn wij verblijd.” Hoe kwam ik daarbij? Wat moest ik ermee? Waar staat dat? Internet bracht deels uitkomst. Het staat ook in de oude berijming. Daar zing ik al 50 jaar nauwelijks meer uit en toch gebeurt het regelmatig: als ik een Psalm in de nieuwe berijming zing en niet goed naar de tekst kijk, dan zing ik soms ineens per ongeluk die oude berijming. Dat zit er ingeramd en gaat er nooit meer uit!
Ik heb het tijdens diensten in het verzorgingstehuis gezien: er zijn mensen waar geen zinnig woord meer uit komt, maar als ’t hijgend hert ingezet wordt, dan zingen ze uit volle borst mee. Er was één vrouw die niet meer meezong, maar na de zegen zei ze steevast: “Amen.” Die zegen bleef ze herkennen en nam ze mee! Ondanks… Wat je uit je hoofd weet, heb je altijd en overal bij je! Blijkbaar blijft er altijd iets van hangen, want God laat nooit los...
Gisteren waren we bij onze beste vrienden. Uit hem komt ook geen zinnig woord meer: hij is nog maar 68 en heeft alzheimer. Hij was mijn beste vriend, maar hij is er niet meer. Er zat een mannetje dat uiterlijk wel op hem leek, maar hemzelf heb ik niet gezien of gehoord. En dat komt hard, héél hard binnen!
Goddank was hij altijd gemoedelijk van karakter en dat is hij nog. We waren onder de indruk hoe zij op lichtvoetige en opgewekte wijze met hem omgaat. Goed van jou! Die kracht en tact krijg jij van God! Haar aanpak werkt, maar o, hoe moeilijk, hoe moeilijk, misschien het meest voor haar, maar voor hem? Dat weten we niet!
Je denkt verbijsterd: wat moet ik doen, wat moet ik zeggen? Ingrijpende ervaringen moet ik eerst verwerken en op een rijtje zetten, dan komt er pas wat zinnigs boven en ik schrijf beter dan ik praat, dus daarom doe ik het op deze wijze: helend, verhelderend, misschien troostend, en als God het geeft: niet alleen voor mezelf, maar ook voor jou!
‘Dies’ is een ouderwets woord, het staat nog wel in van Dale, het betekent gewoon: ‘daarom’. Dat klinkt kinderlijk: Waarom? Nou, daarom! Die kinderlijke logica: ik ben er jaloers op!
In mijn studiebijbel lees ik Bij Psalm 126 vers 3: “Deze Psalm is een klaagzang. In zulke noodsituaties kan Gods volk moed putten uit vorige genadevolle gebeurtenissen en bidden om meer daarvan.” Dat probeer ik ook: als ik zit te somberen en leeuwen en beren zie: dan kijk ik achterom hoe God ons heeft geleid! Want God laat nooit los… ondanks…
Ik word Goddank nooit geplaagd met de waaromvraag. Eigenlijk heb ik intussen wel geleerd dat God ons vormt als Pottenbakker: Jesaja 64 vers 8. Dat kneden doet soms akelig pijn, maar uiteindelijk word je erdoor gevormd en maakt Hij ons klaar voor de eeuwigheid.
Maar wat heb ik daar nú aan, híer in de ellende? Dan kom ik tóch weer bij die kinderen terecht: Waarom? Nou, daarom! In grote mensentaal lezen we iets soortgelijks van Paulus in
Filippenzen 4 vers 6 en 7: “Wees in geen ding bezorgd, maar laat uw verlangens in alles, door bidden en smeken, met dankzegging bekend worden bij God; en de vrede van God, die alle begrip te boven gaat, zal uw harten en uw gedachten bewaken in Christus Jezus.”
Zag je het? …de vrede van God, die álle begrip te boven gaat… Nou, dáárom!
En mijn beste vriend?
Blijkbaar blijft er altijd iets van hangen, want God laat nooit los…
Want ooit… ook hij!
Dies zijn wij verblijd!
Ondanks…