Geest-drift

Schrijnend…

 

Markus 10 vers 7-9: “Daarom zal een man zijn vader en zijn moeder verlaten en zich aan zijn vrouw hechten; en die twee zullen tot één vlees zijn, zodat zij niet meer twee zijn, maar één vlees. Dus, wat God samengevoegd heeft, laat de mens dat niet scheiden.”

Het was vrijdagnamiddag. Ik was ongewild getuige van een schrijnend tafereel: er stopte een auto, er stapte een jonge vrouw uit. Ze opende het achterportier en er kwam een ventje van een jaar of vijf naar buiten. Hij werd door zijn moeder omhelsd. Ik hoorde haar zeggen: Dag lieverd, tot… “, het laatste kon ik niet verstaan. Het jongetje liep weg, een rugzakje meetorsend. Hij keek steeds om, zijn moeder zwaaide en wierp hem kushandjes toe. Aan de overkant stond een man te wachten. De moeder stapte in en riep door het geopende portierraam: “Dag lieverd, ik hou van je!” Toen reed ze weg.
Och heden, ik begreep ineens wat voor tragedie ik aanschouwde: och, dat arme kind! Dat jonge stel was gescheiden en dat knulletje ging met zijn rugzakje een weekend naar zijn vader! Wat een ellende! Wilde dat jongetje eigenlijk wel? Of… bedenk maar wat, alles is mogelijk, maar hoe dan ook: de wereld van dat arme kind is ingestort, alle zekerheden zijn onder zijn voetjes weggeslagen. Hij weet alleen zeker dat al het oude en vertrouwde plotseling verdwenen is, wellicht heeft hij een schuldgevoel!
Hoe was het ooit begonnen? Ze waren natuurlijk smoorverliefd op elkaar. Ze waren vol goede moed en vol van vertrouwen samen begonnen. Ze groeiden naar elkaar toe, neem ik aan, ze werden, zoals de Bijbel het noemt: ‘tot één vlees’.
En nu? Het sprookje is uit. Échte sprookjes eindeigen altijd met de woorden: ‘…en ze leefden nog lang en gelukkig’. Dít eindigde in een deceptie. Het is over: minstens drie levens zwaar beschadigd: er zijn alleen maar verliezers!
Wat ís dat toch… we willen steeds meer, beter, mooier. Zoals ik eerder schreef: we krijgen steeds meer dorst en drinken zout water. We eisen te veel van de ander, terwijl we zelf óók steken laten vallen. Kunnen we niet meer vergeven? We bidden toch: “Vergeef ons onze schulden, zoals ook wij vergeven onze schuldenaren…”. Of kunnen we niet meer communiceren, ondanks, of juist dóór alle moderne communicatiemiddelen? Willen we niet meer de minste zijn? Let wel: ik wijs niet met een beschuldigende vinger! Ik heb geen stenen om te gooien!
Scheiden is fout, daar zijn we het vast over eens. Maar soms is bij elkaar blijven nog fouter. Soms is een breuk niet meer te lijmen, dan móet je wel…
Weet je wat schrijnend volgens het woordenboek betekent? “Wat het gemoed met schurende, brandende pijn aandoet, bijvoorbeeld schrijnend leed.” Dat doen we elkaar aan!
We zongen vanochtend een kinderliedje voor de nevendienst. Die zijn vaak zo recht voor z’n raap! Het gaat over Galaten 5 vers 22: “De vrucht van de Geest is echter: liefde, blijdschap, vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, geloof, zachtmoedigheid, zelfbeheersing.” Dat is nogal wat! Die Bijbeltekst, dat kinderliedje, dat kunnen wij nooit!
 Ik eindig met dat kinderliedje:
“Ik wens je liefde blijdschap vrede en een heleboel geduld.                                                 
Vriendelijkheid goedheid trouw en tederheid. Dat jij jezelf beheersen zult.”
Ik bid het jou toe als je vecht voor je huwelijk.
Ik bid jou vrede toe als het écht niet meer ging,
“De vrede van God, die alle begrip te boven gaat…”
Ik probeer het beter te gaan doen,
maar, o God… soms is het zo moeilijk!