Geest-drift

Bereid…

Mattheüs 24 vers 32 en 33: “Leer van de vijgenboom deze gelijkenis: wanneer zijn tak al zacht wordt en de bladeren uitspruiten, dan weet u dat de zomer nabij is. Zo ook u, wanneer u al deze dingen zult zien, weet dan dat het nabij is, voor de deur.”
Wij kijken graag naar sommige Engelse detectiveseries. Behalve het oplossen van misdaden gaan die ergens over. Ook aan de fotografie wordt veel aandacht besteed: je ziet vaak heel mooie composities met een mooie lichtval en goedgekozen kleuren.

Onze hond had er ook verstand van: ik weet niet of het door de muziek, de stemmen op tv, of onszelf kwam, maar als het spannend werd ging hij soms grommen. Ook het einde voelde hij aankomen: hij ging zich vast uitrekken en wist dat we aanstonds naar buiten gingen.
Ik dacht er met weemoed aan terug toen ik las over ‘aansporing tot waakzaamheid’.
Een hond is altíjd trouw en houdt altíjd zijn baasje in de gaten: wat gaan we doen, wat is de baas van plan? Hoe vaak letten wij op onze ‘Grote Baas’? Hoeveel van onze tijd zijn we met Hem en Zijn bedoelingen bezig? Het lijkt mij dat die ‘tekenen der tijden’ de laatste paar jaar aan duidelijkheid niets te wensen overlaten.

Lukas 21 vers 10 en 11: “Toen zei Hij tegen hen: Het ene volk zal tegen het andere volk opstaan en het ene koninkrijk tegen het andere koninkrijk; (Rusland en Oekraïne) en er zullen grote aardbevingen zijn in verschillende plaatsen, (Turkije en Noord Irak) hongersnoden (onder andere Afrika) en besmettelijke ziekten…” (Corona, vogelgriep) Duidelijk, toch? 

Zijn we wel zo waakzaam als een hond? Nemen we de aanwijzingen om ons heen wel serieus? Of gaat het zoals in de tijd van Noach, Lukas 17 vers 26 en 27: “En zoals het gebeurde in de dagen van Noach, zo zal het ook zijn in de dagen van de Zoon des mensen. Zij aten, zij dronken, zij namen ten huwelijk en zij werden ten huwelijk gegeven tot op de dag waarop Noach de ark binnenging en de zondvloed kwam en hen allen om deed komen.”
Willen wíj omkomen? Nee! Willen wij dat onze geliefden omkomen? Nee! Dus: lééf ernaar! Lééf je naasten vóór en verkondig het Evangelie, want zij moeten óók gered worden! Toch?
Maar niet stil in een hoekje af gaan zitten afwachten tot Jezus terugkomt. Nee! De grote hervormer Maarten Luther zei ooit: “Zelfs als ik wist dat morgen de wereld zou vergaan, dan zou ik vandaag een appelboom planten.”

Spreuken 6 vers 6-10: “Ga naar de mier, luiaard, zie zijn wegen en word wijs. (…) Hoelang, luiaard, blijft u liggen? Wanneer staat u op uit uw slaap? Een beetje slapen, een beetje sluimeren, een beetje liggen met gevouwen handen!” Ja, het staat er echt!
Ken je het verhaal van de wijze en de dwaze maagden? Ja toch zeker? De laatste zin van dat verhaal komt wel behoorlijk binnen, hoop ik: Mattheüs 25 vers 12: “… Heer, heer, doe ons open! Hij antwoordde en zei: Voorwaar, ik zeg u: ik ken u niet.”
We kunnen van ál onze broeders en zusters leren Ik hoorde eens een geloofsgenoot uit een wat ‘zwaardere’ kerk zeggen: “We moeten bereid zijn.” het klinkt wat zwaar op de hand, maar het ís wél zo! Jezus zei al veel eerder in Mattheüs 24 vers 44: “Weest ook u daarom bereid, want op een uur waarop u het niet zou denken, zal de Zoon des mensen komen.”
Ik wil niet dramatisch doen, maar ik kan morgen wel dood zijn…
Dus níet vooruit blijven schuiven, maar nú: bereid zijn,
of snel bereid wórden…
maar dat kan ik niet.
Goede God, maakt U mij bereid!