Geest-drift

Genieten…

Prediker 7 vers 14: “Geniet op de dag van voorspoed van het goede, maar bedenk op de dag van tegenspoed dat God zowel de ene als de andere gemaakt heeft, zodat de mens niet kan doorgronden iets wat na hem zijn zal.”
Toen ik een jaar of twaalf geleden met Geest-drift begon, wist ik nog maar half wat die naam inhield, dat heb ik pas in de loop der jaren geleerd.: ik ontdek nog steeds nieuwe aspecten in oude columns: hé, dat kun je ook zó zien, dat is intussen gebeurd!
Ik begon met schrijven om iets leuks te doen, het Evangelie uit te dragen én mijn ervaringen te delen, in de hoop dat anderen er iets aan zouden hebben. Naarmate de tijd vorderde ontdekte ik dat het helend voor mezelf werkt: ik leer mijn eigen gedachten en gevoelens te ordenen en te analyseren, zo is het ook met mijn boek ‘Het kielzog van mijn Vader’, én: gedeelde smart is halve smart! Het belangrijkste dat we door al onze diepe dalen geleerd hebben is: wees altijd open en eerlijk tegen elkaar, verzwijg niets! Onze relatie dreigde wel eens uit te lopen op de verhouding tussen een verzorgster en een patiënt. Fout! We zijn altijd een echtpaar geweest, maar dat waren we soms kwijt!
Weet je wat het grootste wonder van Geest-drift is? Door alle ellende heen verscheen er elke week een column! Ik heb veel angst en paniek moeten doorstaan, maar ik heb nooit gedacht: oei, ik heb nog niks voor vrijdag…
Omdat jullie er misschien je voordeel mee kunnen doen, schrijf ik over een heikel onderwerp, maar wel het grootste geschenk dat God ons binnen een relatie geeft: zó mooi, zó intiem, zó teder! God heeft het zó wondermooi gemaakt: samenzijn wordt samen zijn!
Ons lijfelijk contact heeft op een zeer laag pitje gestaan, mijn interesse was weg en dat is zonde. Zonde is je doel missen, voorbijschieten. Je weet van de wonderbaarlijke ommekeer: mijn ogen werden geopend en alles, maar dan ook álles bloeide tussen ons op in een paar dagen tijd! Ik schreef het al eerder: we genieten van de wittebroodsweken!
Als je per dag een handvol medicijnen eet, dan beleef je geen echt stomende toestanden meer waarbij het vooral om dat éne gaat. Wij zijn nu opnieuw aan het ontdekken! Juist dat rustige karakter van het samenzijn is zó mooi: we stillen onze huidhonger: het lichamelijke contact versterkt het geestelijke en dan wordt het samenzijn pas écht intiem en deel je écht alles! In Mattheus 10 vers 8 staat: ”en die twee zullen tot één vlees zijn, zodat zij niet meer twee zijn, maar één vlees.” Wat schreef ik zojuist? ‘Samenzijn wordt samen zijn’: één vlees, maar ook één geest! Waar zou dat door komen? Eén Geest?
Ons slotlied was vanochtend Gezang 21 vers 7: een heerlijk lied met onze trouwtekst uit Psalm 146 vers 5a: “Welgelukzalig is hij die Jacobs God tot hulp heeft” Een tip voor predikanten: het slotlied moet eruit knallen, dan neem je het mee naar huis. Soms loop ik het ’s maandags nóg te fluiten of te neuriën.
Deze ochtend gaf het laatste vers precies weer wat ik voelde:
Alles wat adem heeft love de Heere,
zinge de lof van Isrels God!
Zolang ik hier in het licht mag verkeren,
roem ik Zijn liefde en prijs mijn lot.
Die lijf en ziel geschapen heeft
worde geloofd door al wat leeft.
Halleluja! Halleluja!