Oase…
Psalm 92 vers 13: “De rechtvaardige zal groeien als een palmboom, hij zal opgroeien als een ceder op de Libanon.”
Ik keek naar het tv-programma ‘Oases in de Oriënt’ en zag een heuse oase, maar dan in figuurlijke betekenis: een dal in Libanon, alleen lopend via een bergpaadje te bereiken, je kunt alleen meenemen wat een pakezel kan dragen. Rond het jaar 375 zijn daar Maronieten neergestreken, zij waren vervolgde christenen. Ze bouwden een klooster en hadden daar een sober maar veilig leven, zo goed als onbereikbaar voor hun belagers. Nu wonen er alleen nog een paar kluizenaars, een enkele boer en een paar nonnen in dat klooster waarvan een deel nog uit het jaar 375 dateert en dan bedoel ik dat klooster, niet die nonnen.
Kefah Allush interviewde een non die daar al vanaf haar veertiende jaar woont. Haar moeder woonde destijds naast een kerk en was thuis of in die kerk. De non zag het bijzondere geloofsleven van haar moeder en wist daardoor al van kinds af aan: ik wil in een klooster. Ze vertelde hoe ze zich voor honderd procent aan God kon geven en over haar liefdesrelatie met Jezus. Het maakte mij jaloers: zij had geen geloof, maar een levende relatie met een bijna lijfelijke aanwezigheid van God! Dat wilde ik ook: geen geloof, maar zeker weten, pure werkelijkheid! Maar is dat eigenlijk wel Gods bedoeling?
Sophie zit in haar stoel te slapen. Schrik niet, dat doet ze wel vaker. Ik doe een extra harde kuch en vraag haar toch maar: “Weet jij waar dat staat over geloof in de dingen die je niet ziet?” Ze opent één oog en mompelt: “Hebreeën 11 vers 1.” Ik zoek het op en lees: “Het geloof nu is een vaste grond van de dingen die men hoopt, en een bewijs van zaken die men niet ziet.” Handig, mijn plichtsgetrouwe bikkel, mijn Bijbelse encyclopedie bij de hand! In Genesis 2 vers 24 staat: “Daarom zal een man zijn vader en zijn moeder verlaten en zich aan zijn vrouw hechten…” Nee, die heb ik zelf gevonden, maar het geeft wel aan hoe goed het voor mij is me aan mijn vrouw te hechten, alvast één argument tegen het celibaat!
We laten ons te veel opslokken door ons hectische leven, daar ben ik van overtuigd. Onze agenda staat veel te vol, onze telefoon altijd aan. Daardoor zoeken we God en elkaar te weinig, absoluut! We kennen allemaal dat grote gebod: ‘Heb God lief en heb uw naasten lief’, maar zoals die non: dat is niet de bedoeling, zij vergeet de helft van dat grote gebod. Zij heeft, denk ik, alleen God lief. We moeten leven, we mogen leven. Voor Hem én voor elkaar!
Maar toch… eens een weekje in retraite, zo heet dat, geloof ik, in een klooster, dat heeft toch wel iets, denk ik: tijdens de spaarzame werkzaamheden een spreekverbod, veel bidden, veel alleen… met God en met jezelf. Dat moet goed zijn, dat moet zuiverend werken.
Maar je kan natuurlijk ook thuis je stille tijd nemen. Ik heb nu mijn stille tijd met dit schrijven. Je moet het, als je druk bent, inplannen en er de tijd voor nemen! Inplannen wordt al moeilijk, dan kijk je halverwege op je horloge: moet ik nog niet… Fout! Zo wordt het niets!
Ik ben nu met pensioen, ik heb de tijd. Nee, ik stop mijn agenda bewust niet te vol! Ik probeer een beetje balans te vinden door niet te strak te plannen.
Ik begon met Psalm 92 en ik lees nu verder in diezelfde Psalm en ik ontdek opnieuw: wat is de Bijbel toch een heerlijk boek! Lees maar mee in vers 14 en 15: “Wie in het huis van de HEERE geplant zijn, die mogen groeien in de voorhoven van onze God.” In de ouderdom zullen zij nog vruchten dragen, zij zullen fris en groen zijn., om te verkondigen dat de HEERE waarachtig is; Hij is mijn rots en in Hem is geen onrecht.”
Fris en groen? Nou…
maar ik mag voor jou nog wel vruchten dragen!