De Minste…
Johannes 13 vers 8b”…Als Ik u niet was, hebt u geen deel met Mij.”
Je moet eigenlijk het hele Bijbelverhaal lezen, anders snap je dat ene zinnetje niet. Het komt hierop neer: Jezus zei: “Als Ik uw voeten niet was, hoort u niet bij Mij.”
We hoorden een preek over dat éne zinnetje. Het is dan ook belangrijk: een kwestie van leven of dood: je hoort wél, of je hoort níet bij Jezus! Er is niets tussenin!
Jezus wilde de minste zijn: Hij knielde bij de discipelen neer en waste hun voeten. De discipelen voelden zich opgelaten: onze Heiland doet slavenwerk, dat kan toch niet?
Je komt in de huidige maatschappij niet ver als je de minste probeert te zijn: je moet weleens knokken voor jezelf, soms knokken voor je kind. Knokken op je werk om niet onder te sneeuwen. Knokken in het ziekenhuis om binnen afzienbare tijd de juiste behandeling te krijgen. Knokken voor je oude moeder om voldoende zorg af te dwingen. Dat mag: opkomen voor jezelf, maar vooral voor je naasten.
Maar dat bedoelde Jezus niet. Het gaat erom hoe je jezelf opstelt tegenover je medemens. Dat valt niet mee: je eigen belangen opzijzetten en de minste willen zijn van mens tot mens.
We hebben ook nog zoiets als tunnelvisie, daar had Paulus, toen hij nog Saulus heette, ook last van. Ik ben bang dat hierdoor zelfs kerkscheuringen ontstaan zijn. De één kijkt naar een uitgang van de tunnel en ziet het licht aan het uiteinde, de ander kijkt precies de andere kant op, en … ziet hetzelfde zonlicht! Als Jezus terugkomt om te oordelen over de levenden en de doden denk ik niet dat Hij ons vraagt: “Ben jij rooms of protestant, hervormd of gereformeerd, PKN of hersteld…?” Dan gaat het om belangrijker zaken!
Die tunnelvisie: denken we echt zo, of speelt er stiekem toch eigenbelang mee? Ik denk aan de overpriesters en Schriftgeleerden, toen de elite van de kerk. Waren ze niet té overtuigd van zichzelf? Ze ‘wisten zeker’ dat Jezus er helemaal naast zat. Die tunnelvisie leidde tot Zijn lijden en sterven!
Verder zoekend kwam ik bij de volgende tekst terecht:
Romeinen 12 vers 16-18: “Wees eensgezind onder elkaar. Streef niet naar de hoge dingen, maar houd u bij de nederige. Wees niet wijs in eigen oog. Vergeld niemand kwaad met kwaad. Wees bedacht op wat goed is voor alle mensen. Leef, zo mogelijk, voor zover het van u afhangt, in vrede met alle mensen.”
Wij moeten de minste willen zijn voor elkaar. Ik denk aan je collega, je broer, je zus, je kind, je partner, je buurman. Ik kijk principieel niet naar programma’s zoals het familiediner of de rijdende rechter. Ik wil me niet vergapen aan de stijfkoppigheid van medemensen. Want daar gaat het over: ik wil níet buigen voor jóu, ik wíl mijn gelijk halen! De discipelen schaamden zich toen Jezus hun voeten waste. Wij móeten de minste zijn tegenover Jezus. Dat zijn we aan Hem verplicht want Hij heeft Zich vernederd en opgeofferd voor óns!
Mattheüs 8 vers 8: “De hoofdman antwoordde en zei: Heere, ik ben het niet waard dat U onder mijn dak komt…” Jezus antwoordde: “Ik heb zelfs in Israël zo’n groot geloof niet gevonden.” Die hoofdman van Kapernaüm was een hoge pief, maar hij wist wél zijn plaats!
De minste, zélfs als je gelijk hebt.
Dat was Jezus ook…
En ik tegenover Jezus?
En ik tegenover jou?