Geest-drift

Geweten…


Romeinen 2 vers 14 en 15: “Want wanneer heidenen, die de wet niet hebben, van nature doen wat de wet zegt, zijn zij, hoewel zij de wet niet hebben, zichzelf tot wet. Zij tonen dat het werk van de wet geschreven is in hun hart. Daar getuigt ook hun geweten van...”

Volgens mij heb ik het al eerder geschreven: ons geweten wordt geleid door de Heilige Geest. Hierboven staat de Bijbeltekst die hetzelfde zegt!
Lastig hè, die brieven van Paulus met die ellenlange zinnen. Soms denk ik: als God het maar snapt, dan zal het wel goed komen, maar dat is natuurlijk te kort door de bocht. Soms moet je een vers een paar keer lezen om het te snappen en het staat er echt: de wet staat geschreven in ons hart en daar getuigt ook ons geweten van. Daar moet de Heilige Geest aan te pas komen, anders wordt het niets! Nu nog leren luisteren naar ons geweten. Luisteren betekent: stil zijn, anders hoor je bar weinig. Luisteren moet je dan ook nog eens eerlijk doen: je houdt een ander maar ook jezelf zo gauw voor de gek!
Toen ik een kind was sprak mijn geweten al mee, zolang ik me herinner. Er schoot me een voorval te binnen, ik zal een jaar of elf geweest zijn. Wij gingen in de zomer elke ochtend om zeven uur zwemmen in het Wantij bad in Dordt. Dat ging open als het water 15 graden was en dat is koud! Mijn neven hadden een abonnement. Ik niet, omdat ik heel de zomervakantie naar boord ging, was ik voordeliger uit met een tienbadenkaart. We kwamen daar eens tegen zeven uur en de badmeester zat niet achter zijn loket om mijn kaartje af te knippen. De neven liepen met hun abonnement naar binnen. Ik bleef wachten, want mijn kaartje moest geknipt worden! Ze riepen: ”Aad, loop toch door! Het is toch niet jouw schuld dat die vent er niet zit? Ik dacht: nee, ik wacht, anders betaal ik niet en dat kan niet.

Er zijn in de huidige maatschappij grotere dilemma’s dan een keer gratis zwemmen. Laat ik het simpel houden: het tweede en grote gebod: “U zult uw naaste liefhebben als uzelf.” Denk eens aan je werk: kan ik bijvoorbeeld mijn collega, mijn werknemer, mijn klant, mijn contractant liefhebben als mijzelf? Of moet ik altijd zakelijk blijven en mijn recht of het recht van mijn baas halen? Betekent ‘mijn recht’, of ‘het recht van mijn baas’ soms niet ‘zijn of haar onrecht’? Deze overwegingen moeten we natuurlijk ook bezigen in het dagelijks leven, thuis, of waar dan ook. En hoe worden we beïnvloed door de omstandigheden. Ik zag op tv een hoogbejaarde man die aan het eind van de Tweede Wereldoorlog naar het Oostfront van Duitsland en Rusland gestuurd was. In oorlogssituaties is er veel letterlijke en figuurlijke herrie en dan regeren angst en instinct. Hij had tegenover Russen gestaan, zijn vinger aan de trekker gehad, maar hij dacht: ik schiet geen medemens dood. Hij was nog steeds dankbaar dat hij die beslissing toen genomen had!

Hoe moeten we hier mee omgaan? De Bijbel bestuderen, maar vooral in elke situatie stil zijn en luisteren. Toen ik bij dat loket van het zwembad stond, had ik nog geen notie van moeilijke zinnen van Paulus, en toch nam ik de juiste beslissing: ik luisterde, zonder het te weten, naar de Heilige Geest! Nee, ik was geen heilig boontje. Ik sloeg en sla de plank ook weleens behoorlijk mis!
Tot slot toch even hard en zakelijk:
we zijn gewaarschuwd,
dus kunnen we nooit zeggen:

had ik het maar geweten…